Taal

Taalontwikkeling is het leren begrijpen en gebruiken van klanken, woorden en zinnen. Dit proces start al bij de geboorte. Sommige kinderen ontwikkelen zich langzamer of anders in vergelijking met leeftijdsgenoten. Er kunnen problemen ontstaan in de taalproductie (klanken, actieve woordenschat, zinsbouw, gebruik van grammaticale regels, verhaalopbouw) en/of in het taalbegrip (passieve woordenschat en begrijpen van zinnen en verhalen). 

In onze praktijk behandelen we veel kinderen met dysfatische ontwikkeling. Bij dysfatische ontwikkeling is het niveau van het taalbegrip veel beter dan het niveau van de taalproductie. Kinderen kunnen niet goed hun woorden vinden en er zijn ‘op commando’ problemen, het antwoord geven op vragen is moeilijker dan het spontaan spreken. 

Taalontwikkelingsstoornissen kunnen samen voorkomen met spraakontwikkelingsstoornissen, maar ook met andere stoornissen zoals hoorstoornissen, AD(H)D, autisme of een algehele ontwikkelingsachterstand. Ook bij volwassenen kunnen problemen ontstaan in de taal, bijvoorbeeld afasie.